Paphiopedilum Saint Swithin is een klassieke primaire hybride binnen de multiflorale Paphiopedilums. De kruising combineert de imposante, gestreepte bloemvorm van de polyantha groep met een bloeiwijze die bij volwassen planten meerdere bloemen tegelijk kan dragen. Door het groeitype met langere, bandvormige bladeren ontwikkelt de plant zich in de loop van de tijd tot een duidelijke, stevige pol, waarbij stabiliteit in licht, vocht en temperatuur het verschil maakt.
Oorsprong
Deze kruising komt niet in het wild voor en is als hybride geregistreerd. De ouderplanten zijn Paphiopedilum rothschildianum en Paphiopedilum philippinense.
Paphiopedilum rothschildianum heeft volgens Kew een natuurlijke verspreiding in Borneo, Sabah en groeit in een nat tropisch klimaat.
Paphiopedilum philippinense komt volgens Kew voor van Noord Borneo tot de Filipijnen en hoort eveneens bij een nat tropisch klimaat.
De combinatie verklaart waarom Saint Swithin in cultuur vaak het meest voorspelbaar reageert op helder, gefilterd licht en een gelijkmatig vochtig substraat, zonder langdurig nat te blijven staan.
Kenmerken
De plant vormt een groeivorm met langere, groene bladeren en bouwt met de jaren meerdere groeipunten op. Bij volwassen exemplaren verschijnt een stevige bloeistengel die doorgaans meerdere bloemen kan dragen, waarbij de bloemsegmenten vaak duidelijk gestreept zijn en de bloei een uitgesproken polyantha uitstraling heeft. Omdat Saint Swithin meestal uit zaailingen aangeboden wordt, kan er variatie zitten in kleurintensiteit, tekening en bloemhouding, terwijl het algemene karakter van een grootbloemige, multiflorale Paphiopedilum herkenbaar blijft.
Verzorging
Licht
Helder, indirect licht of halfschaduw sluit het beste aan. Multiflorale Paphiopedilums verdragen doorgaans meer licht dan veel gevlekte bladtypen, maar direct zonlicht achter glas blijft een risico voor bladschade.
Temperatuur
Een intermediair tot warm traject werkt meestal het meest stabiel. Richting de groeiperiode mag het warmer zijn, terwijl in de koelere maanden een iets gematigder standplaats vaak rustiger groei geeft zonder de plant te verzwakken.
Substraat
Een luchtige, bark gebaseerde Paphiopedilum mix met organische vochtbuffer werkt doorgaans betrouwbaar, zolang het substraat niet dichtslibt en de wortels voldoende zuurstof houden. Regelmatig verversen helpt om structuurverlies en ophoping van zouten te beperken.
Luchtvochtigheid
Een verhoogde luchtvochtigheid in de groeiperiode ondersteunt gelijkmatige bladontwikkeling en knopvorming, vooral in combinatie met lichte luchtbeweging. In een woonruimte werkt een stabiele basisluchtvochtigheid meestal beter dan tijdelijk vernevelen.
Voeding
Milde, regelmatige voeding in het groeiseizoen geeft de meest gelijkmatige opbouw. Een praktische aanpak is een lage dosering en niet bij elke gietbeurt, met tussendoor doorspoelen zodat het substraat schoon blijft.
Water geven
Het substraat hoort gelijkmatig vochtig te blijven, zonder dat er water onderin blijft staan. Paphiopedilums hebben geen pseudobulben om langdurige droogte op te vangen, waardoor volledig uitdrogen meestal tegenwerkt.
Bij voorkeur gedemineraliseerd water gebruiken of regenwater, en af en toe ruim doorspoelen om zoutopbouw te beperken.
Bloei
De bloeiperiode varieert met groeifase en omstandigheden, maar bij Saint Swithin wordt vaak een seizoen van lente tot herfst gezien. De bloemen blijven bij stabiele temperaturen doorgaans lang mooi, waarbij een volwassen plant het meest overtuigende bloeibeeld geeft.